Terugblik 2019: De Stuurgroep en het Programmateam

Versnellingsplan-Onderwijsinnovatie-met-ICT

Terugblik 2019: Hans en Johanna

Het eerste jaar van het Versnellingsplan zit erop. In een reeks interviews blikken we terug op hoe het hun zone in 2019 is vergaan. In deze editie aan het woord: Hans Nederlof (Fontys), voorzitter van de stuurgroep van het Versnellingsplan, en Johanna de Groot (SURF), programmamanager van het Versnellingsplan.

Wat waren jullie verwachtingen bij de start van het Versnellingsplan?

Johanna: Die waren positief. Er zat vanaf het begin veel energie in.

Hans: 2019 was voor mij het jaar waarin het traject van de jaren ervoor materialiseerde. Met een klein clubje bestuurders maakten we in 2017 een studiereis over Onderwijs op Maat naar Boston. We kwamen terug met grote, maar nog vage constateringen, die zijn uitgegroeid tot het Versnellingsplan. We hebben lang nagedacht over wat we willen doen en hoe. Via de koepels heeft iedereen zijn handtekening gezet. Het is best bijzonder dat je op zo’n breed thema bestuurlijk commitment weet te creëren.

Wat heeft de stuurgroep gedaan in 2019?

Johanna: Voor ons was het vaststellen van de plannen van aanpak in april 2019 een belangrijk onderdeel. Zijn dit de plannen die we willen zien in 2019? Komen de teams goed op stoom? Werken de structuren zoals we ze hebben bedacht? Het was even zoeken hoe we het aanvragen van middelen door de teams op een goede manier konden vormgeven. Van meet af aan hebben we gezegd dat we de teams niet op voorhand een bepaald bedrag geven, maar hoe dan wel?

Hans: Hoe ontwerp je nu een innovatiestructuur die innovatie maximaal faciliteert met zo min mogelijk structuur? Een ministerie is gewend om gedetailleerd gerapporteerd te krijgen wat er is gedaan met het geld dat ze in een project stoppen, maar we hebben meteen gezegd dat we geen behoefte hebben aan uitgebreide rapportages. OCW stond daar heel positief in en heeft vanaf het eerste moment constructief meegedacht. Dat is echt een compliment waard.

Johanna: We willen ruimte maken voor innovatie en daarvoor een mindset creëren. Dat blijft een aandachtspunt. Niet veel mensen in het hoger onderwijs zijn gewend om gewoon te gaan experimenteren, in plaats van alles tien keer door te denken en af te stemmen. Als je als team denkt dat iets een goed idee is, ga dan vooral aan de slag. En als er een keer iets mislukt, dan mislukt er eens iets. Zo maken we meer tempo en ligt de nadruk op het doen in plaats van op het nadenken en papier produceren.

Hans: Als stuurgroep voelen wij de verantwoordelijkheid wel zwaar. Omdat je in zo’n licht verantwoordingsregime zit, ben je heel afhankelijk van wat je meekrijgt uit de verschillende zones en wat het programmateam voor informatie bovenhaalt. Het is niet de makkelijkste manier, maar we geloven er echt in.

Johanna: In de opstartperiode moesten we soms bewust op onze handen zitten. Het is een precaire balans. De teams moeten niet het gevoel hebben dat er van alles van ons moet, maar wel dat er een gedegen ondersteuningsstructuur staat.

Waar zijn jullie het meest trots op?

Johanna: Ik vind het echt knap hoe de meeste teams zich hebben weten te vormen, met een gezamenlijke missie. Ik weet hoe moeilijk dat is, met allerlei mensen die los-vast bij elkaar komen. Dat kost veel energie en het is bij de meeste teams ontzettend goed gelukt. Je ziet dat het echt iets oplevert, al moet je wel voldoende geduld hebben om ze even de tijd te geven om voldoende op elkaar ingespeeld te raken.

Is er iets anders gelopen dan gehoopt?

Hans: Op enig moment hebben we besloten dat het goed zou zijn als wij als stuurgroepleden meer contact met de aanvoerders zouden hebben. We hadden misschien eerder moeten zien aankomen dat je anders als stuurgroep wat ver van de materie af blijft. Maar grote debacles hebben we niet gehad.

Wat moeten jullie in 2020 meer doen?

Johanna: We gaan nu in gesprek over de vraag hoe we ervoor zorgen dat de producten, de resultaten en de expertise uit de zones in het hele hoger onderwijs landt.

Hans: Uiteindelijk zijn we een Versnellingsplan voor het hele hoger onderwijs. Als maar 10 instellingen van de 50 baat hebben bij het Versnellingsplan, hebben we ons doel niet gehaald.

Johanna: Er is ook behoefte aan, maar het is nog zoeken naar een geschikte vorm. Die zal ook verschillen per team en per project.

Hans: Ook niet alle resultaten zijn even zichtbaar. Soms heb je aanpassing van wetgeving nodig, of een landelijke infrastructuur. Op dat gebied gebeurt er al van alles, maar wat daadwerkelijk materialiseert, is minder duidelijk.

Johanna: Ik vind het een valkuil om alles meetbaar te willen maken. Soms wordt er een concreet product door een team opgeleverd, maar wat bijvoorbeeld alle gesprekken over flexibilisering of studiedata teweegbrengen, weet je niet altijd.

Hans: Dat maakt ons ook kwetsbaar voor criticasters. Hoe maak je de delicate dingen zichtbaar? Niet met een checklist. Het helpt als de besturen van de instellingen daar vertrouwen in blijven houden. Daarom hebben we de achtste zone opgericht, het koersteam. Daarmee houden we de voedingsbodem vast: wij geloven hierin en we snappen dat je niet alles met een vinger kan aanwijzen.

Wat hopen jullie te hebben bereikt in 2022?

Johanna: Ongetwijfeld zullen er mooie resultaten en producten zijn, maar we bouwen vooral een basis op, de structuur van al die mensen die met elkaar samenwerken. Dat ben je niet kwijt als het programma eindigt. Neem de gedragscode voor studiedata. Dat is voor alle bestuurders interessant, want iedereen moet er iets mee. In het kader van het Versnellingsplan kunnen we juist de lastige thema’s samen oppakken.

Hans: Het zou ook mooi zijn als de adoptie van digitalisering in 2022 vanzelfsprekend is in het hoger onderwijs. We roepen voortdurend hoe belangrijk digitalisering is voor de arbeidsmarkt waarin onze studenten terechtkomen, maar bij de loodgieter thuis drupt de kraan nu nog het hardst.

En in 2030?

Hans: Ik hoop echt dat studenten dan positief verrast zijn over de manier waarop digitalisering binnen de instellingen wordt toegepast. Nu is dat vaak nog een constante stroom van gemopper, dan is het tij gekeerd.

Johanna: Misschien wordt er over tien jaar aan het Versnellingsplan teruggedacht als iets dat werkte. We deden de dingen eens op een andere manier en dat leverde mooie resultaten op. Alleen al de samenwerking tussen zo veel partijen is uniek. Ik hoop dat het Versnellingsplan een voorbeeld is van hoe je het ook kan organiseren: vanuit vertrouwen ruimte geven aan innovatie.

Deel deze pagina

Uitgelicht

De volgende projecten, publicaties en producten vind je wellicht ook interessant.
Publicatie
Transitieagenda Leren digitaliseren

Transitieagenda Leren digitaliseren Digitalisering als breekijzer voor de gewenste transitie in het hoger onderwijs Een hoger onderwijs met meer variatie